Kritieken op de Nieuwsrubriek

Inleiding

De in augustus 2012 op de website geïntroduceerde rubriek 'Mei 1940 Nieuws' bevat elementen die reactie kunnen oproepen. Omdat de Stichting Kennispunt Mei 1940 geen forum wenst te bestieren, en elders de ruimte voor een uitwisseling niet altijd wordt geboden of voor derden eenvoudig inzichtelijk is, wordt in de onderhavige sectie 'kritieken op de content' aandacht gegeven voor reflecties die zijn ontvangen wegens onze publicaties in de nieuwsrubriek.

Er wordt door onze Stichting Kennispunt Mei 1940 aan gehecht fatsoenlijke kritiek met het publieke domein te delen, wat op deze locatie wordt aangeboden. Reacties kunnen per mail worden verstuurd (automatisch bericht opent zich na aanklikken).

De Duitse spooktrein van Neerbosch

In de nieuwsrubriek, hoofdstuk september 2012, onderwerp 'Duits spooktrein bij Neerbosch', wordt door A. Goossens een bevinding gedeeld die de afgelopen tijd tot stand kwam na uitgebreid onderzoek van Nederlandse en Duitse bronnen. Daarbij werd gespiegeld met enerzijds het Stafwerk, anderzijds het populaire werk van E.H. Brongers, de mei 1940 kroniekschrijver van Nederland. Die toets tegen het werk van Brongers heeft met twee elementen te maken: a) Brongers schreef als enige Nederlandse auteur specifiek over mei 1940 uitgebreide kronieken en is in die zin een populaire 'bron' van informatie geworden voor veel burgers. En b) Brongers methode van selectief bronnengebruik en rehabiliterend (be)schrijven lokt kritiek uit.

Naar aanleiding van het artikel over de Neerbosche trein reageerde Eppo Brongers bij de Stichting de Greb, op de discussiegroep. De discussie over de kwestie werd aldaar niet op prijs gesteld en verwijderd. De kritiek van Brongers is echter niet minder valide en wordt alhier integraal wel geplaatst. Daaronder de repliek van A. Goossens.

E.H. Brongers

Bericht (volledig citaat) van Eppo Brongers van 17 september 2012:

» De bewering dat ik in mijn boek OPMARS NAAR ROTTERDAM (Deel 2) melding maak van een Duitse (pantser)trein bij Neerbosch is geheel uit de lucht gegrepen. E.e.a.wordt zelfs vergezeld van emotionele uitspraken als "gefabriceerde onzin" en "pure sensatiezucht" aan mijn adres. Waarom toch aanvallen op iets wat er niet staat. Is hier sprake van boosaardige opzet of naijver en is hiertoe aanleiding gegeven?

Zoals in mijn genoemde boek is te lezen, wordt slechts over een "goederentrein" geschreven en zeker niet over een "Duitse" trein of pantsertrein. Met Uw medewerker Hajo Groenman bespraken wij reeds enige tijd geleden dat dit een door de Duitsers gebruikte Nederlandse trein moet zijn geweest, wat ook nog eens in het verslag van sgt Thielen blijkt te zijn bevestigd. Het had ook niet anders gekund.

Een wijziging in mijn tekst is derhalve niet nodig. Op goede gronden gebaseerde correcties stel ik zeer op prijs. Daarbij is goed lezen aan te bevelen. Ltkol b.d. E.H. Brongers «

Het bovenstaande bericht is een integrale weergave van het (verwijderde) bericht dat Brongers bij de Stichting de Greb postte. Het werd aldaar beantwoord door Goossens. Het onderwerp werd echter gemodereerd, waarop besloten is het te sluiten. De antwoorden van Goossens op hoofdpunten worden daarom hieronder gedeeld.

A. Goossens

Voor de goede orde laten we de objectieve lezer zelf beslissen. Integrale tekst van de gebeurtenissen te Neerbosch uit Brongers ONR, deel 2, blz. 36:

De eerste wagen sprong uit elkaar (1); de tweede vloog in brand (2). Mitrailleurs in de kazematjes mengden zich in de strijd, waardoor volgens de Nederlandse rapporten (3) het merendeel van de motorrijders sneuvelde. Daarna (4) richtte het pantserafweergeschut zich op een uit het oosten naderende goederentrein. Weer was het raak; de trein vloog in brand en moest haastig terugkeren (5).”

Uitleg bij de nummers in het citaat:

(1) Er waren twee Duitse pantserwagens betrokken, een Duitse jeep en een kleine vrachtwagen met een radioset. Voorop reden een paw en de jeep, samen met twee of drie motoren. Achter reden de vrachtwagen en de tweede paw. Daartussen de overige motorrijders. Hoewel de voorste paw werd geraakt, bleef deze mobiel en bleven beide paw actief vuren. Ze reden slechts achterwaarts terug tot buiten schootsveld van de PAG. Uit het (niet gepubliceerde deel van het) door Brongers geciteerde SS verslag had hem dit ook kunnen blijken, maar het ene Nederlandse verslag van de dpl sgt Scheffers stond model voor Brongers gehele reconstructie in ONR, zowel qua stijlfiguur als qua inhoud. Scheffer heeft het bijvoorbeeld sensatiebelust over: “Mis! Maar dan is elk volgend schot raak en afgrijselijk is hetgeen zich voor onze ogen afspeelt. De tanks barsten uit elkaar en ijzerstukken en lichaamsdelen vliegen naar alle kanten”. De stijlfiguur is opmerkelijk convergerend met de door Brongers gebruikte "Weer was het raak".

De enige wagen die in brand vloog, Brongers ook bekend, is de Duitse jeep van de Untersturmführer Vogt, die de boel aanvoerde (die door sgt Thielen van PAG 11.GB - verslag uit 1946 - nog abusievelijk als ‘kleine pantserwagen’ werd aangeduid). Er is zelfs een mooie foto van, welbekend. Voor het overige sneuvelden er een handvol SS ers en een landmacht gids. Staat allemaal expliciet in het verslag dat Brongers slechts ten dele citeerde. Of heeft hij slechts Weidinger’s recital gebruikt en niet het originele verslag van 3./SS.AA? De bevindingen rond het gevecht met de zeer beperkte Duitse verliezen worden ondersteund door de Verlustlisten, de overige verslagen zoals van Cdt SS.AA Sturmbannführer Willy Brandt en de grafgegevens van Nijmegen en Ysselsteyn.

(2) Het enige wat in brand vloog was de auto van de Sturmführer Vogt en twee motoren. Voor andere branden is geen enkele bron.

(3)De Nederlandse rapporten? Meervoud?

Geen enkel Nederlands rapport van 11.GB overdrijft, met uitzondering van dat van de sgt T. Scheffer van 1-11.GB, wat niet eens een officieel krijgsverslag was, maar een nagekomen observatie. Het merendeel van de Nederlandse rapporten is juist uitermate beschaafd en bescheiden geschreven. Slechts Scheffer maakte er een sensationele gebeurtenis van met bajonetcharges en andere schilderachtige overdrijvingen. Uitgerekend dat verslag lijkt model te hebben gestaan voor Brongers reconstructie. Geen der andere Nederlandse rapporten met bescheiden meldingen is gebruikt. Stellen dat 'rapporten' aanleiding gaven om waarheidsgetrouw te mogen melden dat het merendeel der motorrijders sneuvelde, is simpelweg een valse bewering. Eerlijk was geweest te stellen dat door Brongers het meest sappige bericht in het IMG archief werd geselecteerd om er een hele gebeurtenis van te maken.

(4) De trein kwam vrijwel zeker bij de brug vóór dat de SS daar was. Logisch ook. Geen machinist die een opgeblazen brug wil passeren of even langs tuft terwijl de kogels om de oren vliegen. Nee, de trein was er al eerder en reed terug na de ontvangen waarschuwing. Zoals de segt Thielen zegt – stukscommandant PAG links van de brug – werd de trein door de bemanning van het rechter stuk PAG bij de Neerbosche brug met een rode vlag tot stoppen gemaand. De trein werd door de bediening geëvacueerd en later pas in brand geschoten, op bevel van de kapitein Boers.

De suggestie van de Brongers tekst ‘weer was het raak’ is heel nadrukkelijk een poging de lezer te laten geloven dat ná de SS aanval een stoutmoedige Duitse treinactie plaatsvond. Daar was geen sprake van, zoals enkele Nederlandse verslagen die Brongers gezien moet hebben expliciet zeggen, w.o. dat van de meest daartoe geëigende eenheid. De PAG sectie (“een Hollandsche trein”) stelt namelijk overduidelijk dat het een Nederlandse trein was.

(5) De trein werd pas beschoten nadat later op de dag de kapitein Boers daartoe bevel gaf. In eerste instantie is de trein tot stilstand gemaand en is duidelijk gemaakt dat men terug moest. In het geheel is er geen sprake van dat de trein én in brand werd geschoten én haastig terugkeerde. Het een sluit het ander trouwens ook haast uit.

Er is geen andere vaststelling mogelijk dan dat er gewoon sensatiebelust is geschreven. Dat gaat ook nog verder door later over de tamelijk marginale gebeurtenis te stellen ‘hoe zwaar de klap bij de vijand aankwam’ en vervolgens een extract uit het SS verslag te pakken dat lekker aansluit. Jonge jongens die een vuurdoop kregen, merendeels pas 17 en 18 jaar oud. Want de SS.AA was geëncadreerd uit een groot deel van de Ersatz van SS Deutschland. Broekies, dat waren het. Broekies, die volgens Brongers ‘een vernietigend afgeslagen aanval’ hadden moeten doorstaan. Er vielen aan de SS zijde langs het hele Maas-Waalkanaal welgeteld 7-9 doden, inclusief de gevechten bij Hatert, Heumen en Malden. "Een vernietigend afgeslagen aanval" volgens Brongers dus ... Het zijn exact dit soort overdrijvingen die aan de basis staan van mythes.

Uiteindelijk stelt Brongers dan in zijn repliek ook nog eens dat hij het weliswaar eens is dat het een Nederlandse trein is, maar dan gekaapt door de Duitsers. Los van het feit dat Brongers geen enkele bron ten dienste staat die deze variant steunt, is het een onlogische bewering. De stoottroep van de SS-AA, die langs de spoorbaan richting Neerbosch reed, meldde het rangeren van een Nederlandse trein naast hen (verslag 3./SS.AA: "Auf den Schienen rangiert ein Eisenbahnzug"]. Vrijwel zeker de terugrijdende goederentrein, die men zag. Een paar honderd meter verderop kwam de SS bij de spoorbrug, die prompt samen met de beide verkeersbruggen voor hun neus in de lucht ging. En nadien zou de SS dus de Nederlandse trein hebben gekaapt om daarmee vervolgens ... wat? Het Maas-Waalkanaal mee in te rijden?

Het zou objectieve lezers duidelijk moeten zijn dat Brongers gewoon een sensatiebelust verhaal over Neerbosch schreef. Daarbij zichzelf erg veel vrijheid toekende om het een lyrisch gehalte te geven. De verwijten en persoonlijke kwalificaties laat ik onbesproken.

[Epiloog, dd. 13 dec 2012: Eerlijkheid gebied auteur (AG) toe te voegen, dat ook een verslag van de C-11.GB (maj Bender) op een zeker moment weergeeft uit de aantekeningen van de berichten van 1-11.GB ...: "Pag heeft pantsertrein tot staan gebracht, deze moest weer terug". Hoewel dit begrip "pantsertrein" uit andere verslagen niet wordt ondersteund, is het eerlijk aan te tekenen dat er dus in feite nog wel een bewaard verslag was, waarin van een pantsertrein wordt gesproken. Dit verslag zal overigens ook de basis gevormd hebben voor het gebruik van precies die terminologie in het stafwerk. Brongers suggereerde slechts dat het een Duitse goederentrein was, zoals hierboven al is geciteerd.] 

E.H. Brongers (2 en 3)

Op 19 september 2012 kwam in antwoord op het hiervoor door G. ter tafel gebrachte het navolgende mail bericht. Wederom wordt dit integraal, inclusief alle onsmakelijke elementen, weergegeven. Zo verlopen disputen met de heer B.:

» Ik mis nog steeds het antwoord op mijn duidelijke vraag, waar ik in OPMARS NAAR ROTTERDAM (Deel2) volgens dhr G. melding zou hebben gemaakt van een Duitse (pantser)trein bij Neerbosch. Hierop blijft hij het antwoord schuldig. Waarom? Te trachten deze toch terechte vraag te  omtwijken door een beschouwing te geven over andere acties aldaar, doet hier niet ter zake en beantwoordt die niet.

(Overigens blijkt uit die beschouwing dat bepaald niet van alle Duitse documenten kennis is genomen, wat is te vergeven). Zoals mij - mede door andere historici - is aangeraden, zal ik, om thans wellicht begrijpelijke reden, hieromtrent niet met dhr G. in discussie treden en er later elders op ingaan).

Maar terug naar mijn oorspronkelijke vraag.  Het antwoord zal iedereen duidelijk zijn: wat dhr G. beweert heb ik nimmer geschreven. Het zich bij emoties vergissen mag  bij 'bevlogenen' vergeeflijk zijn. Om dit later ruiterlijk te bekennen zou waardering kunnen oogsten, maar vergt kennelijk iets onmogelijks. Met hoogachting en veel waardering voor het goede door U verricht, Lkol b.d E.H. Brongers « 

Er zijn twee wezenlijke zaken te identificeren. Ten eerste dat B. vasthoudt aan het feit dat hij niet zei of suggereerde dat het om een Duitse trein ging, ten tweede dat er nog meer Duitse bronnen zijn, die (kennelijk) aantonen dat de trein toch gekaapt was door de Duitsers. Deze loze beweringen gaan niet gepaard met bewijzen. Het blijven dus beweringen.

Een derde bericht van 19 september biedt vooral een herhaling van zetten en irrelevante aantijgingen. Wezenlijk element in dat bericht is echter nog het onderstaande:

»Ik heb aangetoond, dat in het boek  geenszins over een pantsertrein wordt geschreven, doch uitsluitend over een goederentrein. Het woord "Duitse" staat er evenmin bij. Goederentrein i.p.v. pantsertrein is ook niet later aangepast.  In 1963 - dus 49 jaar geleden - is in mijn eerst publicatie "De oorlog in mei'40" (pocketuitgave) slechts een goederentrein vermeld (pag.61). Of die 'gekaapt' is door de Duitsers is welicht mogelijk, maar weet ik niet. Bij  NS kon mij destijds niet verder helpen, maar achtte het onder de toen heersende omstandigheden hoogst onwaarschijnlijk dat de trein toen op grond van een dienstregeling is vertrokken

Wezenlijk is (opnieuw) een verschuiving in het standpunt. Nu is niet meer zeker of het een kaping betrof en is ineens de NS bevraagd.

Na 19 september zijn nog enkele mailberichten van de heer Brongers ontvangen, maar die voegen inhoudelijk niets toe. Wij gaan er vanuit dat de lezer niet op twisten op zich, maar slechts inhoudelijke debatten zit te wachten.

A. Goossens (2 en 3)

Er valt niet zo veel aan te vullen op het weinig verheffende tweede antwoord van B. Het is overbodig (immers, de letterlijke tekst uit ONR deel 2 terzake al hierboven geciteerd hebbende) om te herhalen dat B. heel nadrukkelijk zelf de suggestie van een Duitse trein wekte. Als dat op zichzelf al niet genoeg was, heeft B. in zijn eerste kritiek al gesteld dat hem nu weliswaar intussen de inzichten zijn ingevallen dat het een Nederlandse trein betrof, maar is die volgens zijn visie mogelijk gekaapt door de Duitsers. Dat ook dit volkomen op gespannen voet staat met de meeste Nederlandse en alle Duitse ooggetuigenverslagen alsmede met de logica, deert B. kennelijk niet. In dat vorige bericht liet B. overigens nog na te stellen dat dit kennelijk uit aan de Stichting Kennispunt onbekende Duitse bronnen zou blijken. Dat komt thans, op 19 september, ineens uit de hoge hoed. Op 19 september, zijn derde bericht, is zijn verhaal weer veranderd. Blijkt ineens ook hem een bron voor de kaping te ontbreken!

De lezer kan er vanuit gaan dat het juist de Stichting Kennispunt is, die zonder premisse of vooringenomenheid de bronnen bestudeert en met het publieke domein deelt. Veel meer bronnen dan B. ooit ter beschikking had of wilde bestuderen. De modus operandi van Stichting Kennispunt Mei 1940 enerzijds en kroniekeur B. anderzijds is zeer onderscheidelijk. Wij ambiëren om krijgsgeschiedenis zo objectief mogelijk te reconstrueren; B. streeft na om populaire kronieken te schrijven over mei 1940. Hetgeen hij meer dan verdienstelijk doet en heeft gedaan. Dat hij vervolgens moeite heeft om te aanvaarden dat bepaalde zaken echt anders in elkaar steken dan zijn lyrische pen soms beschreef, is begrijpelijk na al die jaren eenzame autoriteit. Men zegt wel eens dat macht corrumpeert ...

De al dan niet verkapte smadelijke elementen in zijn mail laten we alhier onbesproken. Wel goed dat de lezer kan waarnemen hoe vermeende autoriteiten kritiek op hun werk 'verwerken' (of niet).   

Het derde bericht op 19 september bevat de verschuivende elementen dat B. nu ineens ook de kaping niet meer als zekerheid, maar slechts als mogelijkheid beschouwt. Vergelijk het eerste bericht met het laatste en de zaken worden steeds verder verhelderd. Er wordt 'onderhandeld' over de waarheid!

Een drietal zaken nog n.a.v. die derde mail:

1) Er is in de oorsprong van deze casus gesproken over het stafwerk én het werk van Brongers dat over een Duitse (pantser)trein sprak. Daarbij staat (pantser) tussen haken, omdat het gebruik van 'pantsertrein' niet voor beide 'bronnen' gold, maar slechts voor het stafwerk (zie ook de epiloog eerder).

B.doet de zeer sterke suggestie gelden in zijn boeken dat het een Duitse trein betrof. Dat B. in de uitwisseling doet alsof zijn neus bloedt en hij met zijn tekst niet de suggestie van een Duitse trein bij Neerbosch zou wekken, werp ik verre van me. Een ieder leest de tekst voor zichzelf maar en wie daarin niet leest dat na de SS actie nog een trein werd afgewezen (wat anders dan een Duitse trein?), zegt het maar. Stel (!) dat B. werkelijk had willen aangeven dat het hier een (mogelijk) gekaapte Nederlandse trein was geweest, dan had B. dat wel expliciet gemaakt. Dat deed hij niet omdat hij uitdrukkelijk de suggestie wilde doen wekken dat die verduveld sterke mannen van 11.GB de Duitsers 'vernietigend hadden afgeslagen'. De lezer bedenke dat het doel van B. was om de Nederlandse strijdmacht te rehabiliteren, nadat deze naar zijn mening door Lou de Jong nogal was bekritiseerd en gerelativeerd.

2) Het was en is helemaal niet ongebruikelijk om zeer vroege goederentreinen op het spoor te zien. Met name het goederenvervoer en het voorrangeren waren activiteiten die al vroeg in de ochtend plaatsvonden. Dat NS door Brongers is bevraagd op de kwestie kan en zal ik niet uitsluiten, maar waarom dit argument niet als eerste opgevoerd en waarom dan niet in ONR aangegeven dat het vermoedelijk een gekaapte Nederlandse trein was?  Het vermoeden van een ad hoc gefabriceerde smoes is nu erg groot. Zeker als de ontwikkeling van het argument wordt gevolgd van het eerste tot het derde bericht. Want op verkapte wijze geeft B. eigenlijk toe dat hij als volgt redeneert: "nou ja, het was geen Duitse trein, dan is de tweede beste optie dat zij een Nederlandse trein kaapten ..."

3) Het kan door Goossens niet worden uitgesloten dat het alsnog een gekaapte trein was. De kans daarop is overigens vrijwel nihil, maar uitsluiten is teveel zekerheid als geen bewijs voor ligt. Er ligt ook bij G. geen NS verklaring voor. Er is dus niet uit die bron bekend wat er gebeurd is. Omstandig is echter wel vrijwel zeker dat hier geen sprake van een gekaapte trein was. Ten eerste wist de SS stoottroep van niets, wat bij dat soort plannen bizar zou zijn omdat men op elkaar zou kunnen gaan schieten. Ten tweede wordt in de Duitse bronnen uitgebreid en soms integraal besproken welke plannen er voor lagen om de sector Nijmegen - Gennep van allerhande verrassingen te voorzien. Niets liet men aan het toeval over. Daar wordt geen trein bij Nijmegen of Neerbosch bij genoemd, geen spoor voorverkenning, geen bespreking van het inlenen van treinpersoneel voor de bediening van een Hollandse loc. Ten derde, als het een trein met een stoommachine was (Nijmegen had in 1940 al een geëlectrificeerd tracé voor de verbinding Eindhoven-Arnhem; bovendien waren er diesel- en dieselelektrische locs in gebruik voor rangeerwerk), dan kaapt men die niet zo maar. Een stoommachine heeft tenminste een uur voorverwarming nodig. Het kapen van een reeds door Nederlandse bediening opgestookte trein zou niet alleen vermoedelijk wel tot een NS verslag daarvan hebben geleid, maar tevens onwaarschijnlijk zijn om reden van de gebrekkige voorspelbaarheid van de slagingskans voor de Duitsers. Het blijkt dat Duitse acties waar de slagingskans betrekkelijk klein was vaak (op voorhand) werden afgeblazen in het voortraject. Hoe het ook zij, de kans dat er een kaping aan de orde was is minimaal.

Daarmee kan geconcludeerd worden dat de heer Brongers eigenlijk in retrospect gewoon het standpunt van de Stichting Kennispunt Mei 1940 deelt, maar dat alleen de tekst in zijn boeken nog aanpassing vergt. En dat is een mooie conclusie.